“Organisaties moeten vier zaken op orde hebben”
Blog/Opinie – In België speelt het debat over soevereine aizich af in een context waarin datasoevereiniteit, regelgeving en cloudtransformatie hoog op de agenda staan. Toch beginnen gesprekken over soevereine aivaak nog met één vraag: waar bevinden de data zich?
Als data binnen een bepaalde landsgrens of cloudregio blijven, gaat men er al snel van uit dat de controle verzekerd is. Dat is begrijpelijk, maar het vertelt niet het hele verhaal.
Locatie doet ertoe. In België en Europa moeten gereguleerde sectoren rekening houden met dataresidentie. Maar een uitsluitend geografische benadering beperkt de mogelijkheden terwijl ai-toepassingen steeds meer verspreid worden uitgevoerd.
Organisaties moeten aiinzetten waar dat het beste past: modellen trainen in de cloud, inferentie uitvoeren in een andere omgeving en gevoelige bedrijfsdata veilig binnen de eigen organisatie houden. Soevereiniteit draait om gecontroleerde keuzes over dataopslag, rekenkracht en dataverplaatsing, zonder controleverlies.
Van dataresidentie naar gecontroleerde mobiliteit
Echte soevereiniteit vereist dat organisaties data kunnen verplaatsen. Een model kan op één locatie worden getraind, terwijl inferentie dicht bij de bedrijfsactiviteiten plaatsvindt en strategische datasets lokaal onder controle blijven.
Afhankelijkheid van specifieke clouddiensten kan verplaatsing moeilijk of onmogelijk maken. Mobiliteit moet daarom vanaf het ontwerp ingebouwd en aantoonbaar zijn. Anders remmen beperkingen innovatie af en kunnen architecturen tekortschieten wanneer regelgeving, behoeften of prestatievereisten veranderen.
De oplossing: flexibiliteit onder controle
Organisaties moeten workloads kunnen plaatsen op basis van prestaties, kosten, risico’s en compliance, met een samenhangend overzicht van data, modellen en beslissingen.
Daarom winnen Europese neocloudproviders aan belang. Hun ai-platformen bieden toegang tot geavanceerde infrastructuur zonder controle over data en dataverplaatsing te verliezen. Soms gaat het model naar de data, soms wordt de werkdataset bij GPU’s gecachet. Essentieel is dat geen ongecontroleerde datakopie ontstaat.
De volgende technologische lock-in vermijden
Wie controle en dataresidentie nastreeft, riskeert een nieuwe afhankelijkheid. Die ‘kopiebelasting’ ontstaat wanneer elk gebruikspunt een eigen datakopie vereist, met extra opslagkosten en governance-uitdagingen. Op petabyteschaal loopt dat effect sterk op. VMware bood bedrijven een gemeenschappelijke platformlaag, maar toen het bedrijfsmodel veranderde, bleek uitstappen voor veel organisaties moeilijk. Ai-omgevingen die vastzitten aan het opslagformaat van één leverancier brengen hetzelfde risico mee, op grotere schaal.
Consistente datalaag
Soevereiniteit moet mogelijkheden vergroten, niet beperken. De vraag is niet alleen of een architectuur vandaag compliant is, maar ook of een organisatie kan aantonen dat een productiedataset verplaatsbaar is, hoe snel dat kan en welke impact dit heeft.
Daarvoor is een consistente datalaag nodig die governance, bescherming en beheer uniform toepast, of data nu on-premises, in een soevereine cloud of verspreid over omgevingen staan.
Wat operationele soevereiniteit vraagt
Organisaties moeten vier zaken op orde hebben:
- Aantoonbare controle over locatie en bescherming van gevoelige data.
- Data, ai-toepassingen en -processen verplaatsen zonder verlies van governance of zichtbaarheid.
- Compliance-uitdagingen oplossen zonder toekomstige technologische lock-in.
- Activiteiten herstellen vanuit een onveranderlijke, geïsoleerde kopie. Object storage alleen beschermt niet tegen ransomware; recente grootschalige aanvallen in de retailsector tonen de mogelijke kosten daarvan.
Voor Belgische financiële instellingen volstaan verklaringen niet. Sinds DORA, de Europese verordening inzake digitale operationele weerbaarheid, in januari 2025 van kracht werd, verwachten toezichthouders bewijs dat instellingen hun activiteiten vanuit een geïsoleerde kopie kunnen herstellen en zo nodig van leverancier kunnen veranderen. Een exitstrategie die alleen op papier bestaat, volstaat niet.
Wanneer al die elementen samenkomen, versterkt soevereiniteit het vertrouwen van toezichthouders en de wendbaarheid van de organisatie. Ontbreekt er één, dan betaalt de organisatie vroeg of laat de prijs: minder keuzevrijheid, hogere kosten of een tragere reactie op verandering. Ai maakt die afwegingen moeilijker te negeren. Toepassingen en processen die vroeger in één omgeving draaiden, strekken zich vandaag uit over meerdere locaties en vertrouwensdomeinen.
Soevereiniteit moet flexibiliteit onder controle bieden, en mag niet neerkomen op louter een punt op de kaart.
De auteur is cto en vice president solutions engineering voor EMEA/LATAM, bij NetApp. Hij schrijft deze opinie in eigen naam.
