Transacties van iemands bankrekening ophalen en analyseren is één ding. Maar iemands belastingaangifte, zijn salaris of pensioen, zijn studieschuld of zijn verzekeringen zijn ook belangrijk om een financieel profiel te kunnen maken. Open finance – de opvolger van open banking – maakt dat mogelijk en beschermt consumenten beter. ,,Wij kunnen alleen al bij de overheid 800 verschillende datapunten ophalen.”
Eerst was er de beruchte schoenendoos. Voor de aanvraag van een hypotheek, lening, lease of ander financieel product moesten klanten loonstrookjes, bankafschriften, jaaropgaves, administratie en zo nodig aktes van andere hypotheken of leningen op tafel leggen. Door digitalisering werden dat pdf’jes, die ze mochten mailen of uploaden.
En toen was er ineens open banking. Consumenten konden banken, hypotheek- en kredietverstrekkers, maar ook andere organisaties zoals schuldhulpverlening of incassobureaus, toestemming geven hun banktransacties op te halen en te analyseren. ,,Dat was de eerste keer dat er toegang was tot financiële data. De consument is eigenaar van zijn data en mag zijn data delen met wie hij dat wil”, vertelt CEO en oprichter Bart den Hollander van Invers.
Het toonaangevende Nederlandse fintech-bedrijf haalt dit soort gegevens op en verwerkt en analyseert ze voor tal van klanten. Invers vraagt namens die klanten toegang tot banktransacties en maakt dankzij de gegeven toestemming financiële profielen van personen, huishoudens en bedrijven.
Hierdoor wordt duidelijk: Wat krijgt iemand binnen? Hoeveel geeft iemand uit? Betaalt ie zijn rekeningen? En wat is de bestedingsruimte? Het antwoord is bepalend voor de vraag: krijgt iemand die hypotheek of lening wel of niet?
De volgende stap: open finance
Maar relevante financiële data zitten niet alleen bij banken. Die zitten bijvoorbeeld ook bij de Belastingdienst (belastingaangifte, dividend, rente op leningen of hypotheek), het UWV (salaris), DUO (studielening, aflossing), MijnOverheid (huwelijkse staat, kinderen), BKR (schulden, aantal leningen en aflosgedrag) pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen. Ook tot die data kunnen consumenten Invers toegang geven. Dat heet open finance.
,,Er komen steeds meer bronnen beschikbaar waar dit soort data is opgeslagen. Dat zal zich steeds verder uitbreiden. Die bronnen zijn interessant wanneer je een financieel profiel van iemand maakt”, zegt Den Hollander. ,,Daar vinden we niet alleen financiële informatie, maar ook meer algemene informatie. Die kan ook relevant zijn voor het maken van dit soort profielen en geven context. Je kunt via MijnOverheid bijvoorbeeld zien hoe iemands huishouden is opgebouwd en welke verantwoordelijkheden iemand heeft. Als iemand getrouwd is, dan is een lening bijvoorbeeld ook de verantwoordelijkheid van de partner. Dan mag je hun beider inkomen meenemen in de kredietwaardigheidstoets.”
Nieuwe Europese regels op komst
Of dat ook allemaal gaat gebeuren in de toekomst is afhankelijk van nieuwe EU-wetgeving. Open banking werd mogelijk toen in 2019 de Payment Service Directive 2, kortweg PSD2, van kracht werd. Die verplicht banken de betaalgegevens van hun klanten aan derden beschikbaar te stellen als een klant daarvoor opdracht geeft. Dat zorgde voor meer concurrentie en innovatie op de financiële markt. Invers kreeg in juli dat jaar als eerste niet-bank van Nederland een PSD2-vergunning van De Nederlandsche Bank en mag sindsdien banktransacties ophalen en analyseren.
Eind dit jaar of begin volgend jaar wordt naar verwachting de opvolger van kracht: PSD3. Doel daarvan is online betalingen nog veiliger te maken, fraude tegen te gaan en de rechten van consumenten verder te versterken. De nieuwe Payment Services Regulation (PSR) zorgt ervoor dat alle PSD3-regels in de hele EU hetzelfde zijn voor alle burgers.
Daarnaast komt er nog een andere nieuwe wet aan: de Financial Data Access Regulation (FiDA). Die verplicht andere financiële instellingen om met toestemming van de klant ook data over andere financiële producten te delen met derde partijen zoals Invers. ,,Bijvoorbeeld informatie bij verzekeringsmaatschappijen. Wat voor verzekeringen hebben mensen? Wat voor premies betalen ze? En hoe vaak hebben ze schade geclaimd? Dat willen verzekeraars graag weten als mensen overstappen”, legt Den Hollander uit.
Hoe borg je de privacy?
De volgende stap na open finance, wordt volgens hem open data. Dat gaat qua bronnen nog verder. De vraag die dan rijst: geeft dit geen problemen met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG), die de privacy van burgers moet beschermen? Volgens Den Hollander draait het antwoord om transparantie. ,,Je wilt niets achter iemands rug doen. Als je een consument om toestemming vraagt, vertel je als dienstverlener wat voor data je wilt hebben, waar je die vandaan wilt halen, waarvoor je die wilt verwerken en voor welk doel. Wij baseren onze hele dienstverlening op toestemming. Die kan iemand ook weer intrekken. De data die we leveren komt binnen bij een hypotheek- of kredietverstrekker, een incassobureau of een schuldhulpverlener. Die kunnen dat gebruiken om een financieel profiel te maken en een beslissing te nemen”, legt hij uit.
Mensen die toestemming geven om hun gegevens op te halen hoeven volgens hem niet bang te zijn dat hun hele hebben en houwen bekend wordt. Invers filtert de data namelijk op relevantie. Den Hollander: ,,Daarmee worden de details van de data minder zichtbaar. Niemand is geïnteresseerd in waar je boodschappen doet, of je veel uit eten gaat en wie je tikkies stuurt. Het gaat om de patronen.”
Data zijn niet meer te manipuleren
Volgens Den Hollander zit er qua informatie niet eens zoveel verschil tussen de schoenendoos vol papieren of de pdf’jes die consumenten moesten uploaden en nu. ,,Toen moest je ook alles laten zien”, stelt hij. ,,Nu is die stroom geheel gedigitaliseerd. Wat heel belangrijk is, is dat consumenten die data niet meer kunnen manipuleren. Wij filteren die data en die stroom gaat direct van bron naar ontvanger.”
Open banking en open finance maken het makkelijker en sneller om data aan te leveren en op te halen. Maar niet alles wat mogelijk is, is ook nodig, stelt Den Hollander: ,,Een voorbeeld: wij kunnen alleen al bij de overheid 800 verschillende datapunten ophalen. Die hebben we natuurlijk niet allemaal nodig. Afhankelijk van het doel haal je er misschien maar twintig op. Die andere hebben we niet nodig en willen we ook niet ophalen.”
Soms is het bij een lening voldoende om iemands identiteit, zijn bankrekeningen en zijn inkomen op te halen. Voor een hypotheek moet ook de laatste belastingaangifte, je hele persoonlijk situatie, jaren aan inkomen en een DUO-schuld worden aangeleverd. ,,Wij zorgen dat we precies de juiste data ophalen. Niets meer en niets minder”, zegt hij.
Open finance maakt profielen betrouwbaarder
Invers toetst die data en maakt er allerlei berekeningen mee ter controle. Daar is het erg goed in. Zijn software herkent bijvoorbeeld 97 procent van alle banktransacties. Met die data maakt het een overzicht van alle inkomstenbronnen en de stabiliteit van die inkomstenbronnen. Van salaris tot uitkering of huurtoeslag. Samen met alle uitgaven en schulden geeft dat een beeld van iemands financiële situatie. Dat beeld wordt aan de klant geleverd. De rest niet. Den Hollander: ,,Aan de ene kant heb je toegang tot heel veel verschillende data, aan de andere kant minimaliseer je en filter je die data voor wat nodig is.”
Open finance betekent voor Invers dat het uit meer bronnen meer data kan ophalen. Daardoor kan het een uitgebreider, gedetailleerder en daardoor betrouwbaarder overzicht geven van inkomsten en uitgaven, bezittingen en schulden. Kortom: de hele financiële situatie. ,,De waarde die wij eraan toevoegen is dat we al die data uit die bronnen combineren, verifiëren en daarna precies leveren wat de ontvanger nodig heeft”, zegt Den Hollander.
Open finance beschermt ook consument
Een zo nauwkeurig mogelijk profiel was tot nu toe vooral belangrijk voor banken, hypotheek- en kredietverstrekkers en andere financiële instellingen. Maar ook de Klarna’s van deze wereld (Koop nu, betaal later) verstrekken in feite kredieten. Ook zij willen en moeten de kredietwaardigheid van hun klanten toetsen.
,,Er werd altijd gedacht dat dit goed is voor de kredietverstrekker, omdat die hiermee zijn risico beperkt. Maar het mes snijdt aan twee kanten. Het is ook een bescherming van de consument. Als ik geen cash geld heb en niet zo’n hoog inkomen en ik wil bij de Mediamarkt een tv van 4000 euro kopen, dan past dat niet in mijn bestedingspatroon. Dan is zo’n toets net zo goed voor de consument”, aldus Den Hollander.