Start-up in de kijker: Stormcatch
Robots duiken steeds vaker op buiten de afgeschermde fabrieksomgeving. Ze brengen medicijnen rond in ziekenhuizen, rijden door distributiecentra en verschijnen stilaan ook in openbare gebouwen en op straat. Daarmee wordt een nieuwe vraag urgent: hoe weet je dat een robot werkelijk is wie hij beweert te zijn en alleen doet wat hij mag doen?
Tijdens Cybersec Europe animeerden de robots van Stormcatch de uitreiking van de Computable Awards België. Naar aanleiding daarvan spraken we met Remco Koemans (ceo en medeoprichter van Stormcatch) en Frank van der Hulst (medeoprichter en cto).
Hun optreden tijdens de awardshow was een leuke blikvanger, maar eigenlijk draait Stormcatch, dat twee jaar geleden werd opgericht, om iets heel anders. Het bedrijf ontwikkelt software die robots een digitale identiteit geeft. Niet de robot zelf staat centraal, maar de vraag of je hem kunt vertrouwen.
‘Wij verwachten dat alle robots een digitale identiteit gaan krijgen. Een soort digitaal paspoort’, verklaart Koemans. ‘Aan dat paspoort kunnen bewijzen en bevoegdheden worden gekoppeld: waar een robot binnen mag, welke taken hij mag uitvoeren en op welke tijdstippen dat is toegestaan.’
Niet de hardware, maar de identiteit
Robots worden vandaag nog vaak bekeken als opvallende hardware of zelfs als speelgoed. Maar volgens Stormcatch zal vooral de software bepalen of organisaties ze veilig kunnen inzetten. ‘In principe maakt het ons niet uit welke robot mensen gebruiken. Wij willen de software, en eventueel een klein stukje hardware, om welke robot dan ook veilig te kunnen maken’, zegt Frank van der Hulst. Het gaat daarbij om security, identity en accessmanagement.
Het Erasmus MC-ziekenhuis in Rotterdam illustreert de uitdaging. Stormcatch werkt er mee aan een proefproject rond robots die medicijnen ophalen bij de apotheek en naar ziekenhuisafdelingen brengen. Medewerkers gebruikten vroeger een badge om deuren te openen en liften te bedienen. Een autonome robot moet zich bij diezelfde systemen kunnen legitimeren en autoriseren.
De omgeving bepaalt daarbij de regels: bijvoorbeeld dat een bepaalde robot alleen tussen bepaalde uren in een specifieke zone mag komen. Zo verschuift de supervisie van mensen naar een digitaal vertrouwensmodel.
Volgens de oprichters is dat slechts het begin. Ze verwachten dat robots de komende jaren steeds meer repetitieve taken zullen overnemen, zowel in bedrijven als in de publieke ruimte. ‘Dan volstaat het niet langer dat een robot technisch goed werkt. Organisaties zullen ook moeten kunnen aantonen dat hij betrouwbaar is en aan alle veiligheids- en toegangsregels voldoet’, aldus Frank van der Hulst.
Dezelfde robot, een andere bedoeling
Die controle wordt nog belangrijker wanneer robots zich in publieke ruimtes bewegen. Een bezorgrobot die een pizza aflevert, lijkt onschuldig. Maar wat als een identiek uitziende robot een pakket komt ophalen? ‘Dan moet je wel weten of dat de goede robot is’, stelt Koemans.
Volgens hem laten mensen zich nog te veel leiden door het uiterlijk van een robot. ‘Een robot is heel vrolijk en lief en schattig. Maar de daadwerkelijke reden waarom die robot er is, dat weet je niet.’ Hij illustreert dat met dezelfde robothond die tijdens Cybersec Europe de aandacht trok. ‘Gisteren waren wij bij Defensie… Toen hebben wij met de robothond een test gedaan met een nepsoldaat. Dan denk je: ‘Oh, wat een agressieve robot.’ En het lijkt exact dezelfde robot.’
Net daarom gelooft Stormcatch dat vertrouwen een van de belangrijkste thema’s wordt binnen de robotica. Niet omdat een robot er vriendelijk uitziet, maar omdat hij zich digitaal kan identificeren, zijn rechten kan aantonen en achteraf kan bewijzen welke handelingen hij heeft uitgevoerd.
Zoals mensen een identiteitskaart hebben, zullen ook robots volgens Stormcatch een digitaal paspoort nodig hebben.