De Europese regelgeving biedt onvoldoende bescherming tegen online-surveillance door bedrijven. Dat stelt rechtswetenschapper Ana-Maria Hriscu op basis van haar promotieonderzoek aan de Nederlandse Universiteit Tilburg.
Volgens Hriscu loopt de toepassing van privacywetgeving achter bij de praktijk van gerichte online-advertenties. Bedrijven verzamelen op grote schaal gegevens om gedrag van gebruikers te voorspellen en te beïnvloeden. Dit kan gevolgen hebben voor wat mensen zien, kopen en hoe zij zich gedragen.
Voorbeelden, zoals dataverzameling door TikTok, tonen aan dat gegevens ook buiten apps en buiten Europa worden verwerkt. Onderzoek heeft deze praktijken in verband gebracht met manipulatie, discriminatie, verslaving en psychische gezondheidsproblemen.
Het huidige systeem maakt het volgens Hriscu moeilijk voor gebruikers om geïnformeerde toestemming te geven, omdat het gebruik van data onvoorspelbaar is. Tegelijkertijd leggen Europese regels veel verantwoordelijkheid bij individuen, terwijl de macht van grote platforms buiten beeld blijft. Hriscu pleit in haar proefschrift Domination by default voor strengere verplichtingen voor technologiebedrijven en een breder debat over alternatieven voor gerichte advertenties.
